Ouderinitiatief

In het kort:

Een ouderinitiatief is een kleinschalige woonvoorziening, geïnitieerd door ouders die samen met een geschikte zorgaanbieder (bijv. WoondroomZorg)  de zorg en begeleiding vormgeven. Kernbegrippen zijn: eigen regie, ouderinitiatief, en samenwerking.

Een wat langere versie vind u hier op de website van PerSaldo of in deze PDF.

Maar als u er echt het fijne van wilt weten dan raden wij u aan het onderstaande rapport van het Sociaal Cultureel Planbureau op uw gemaakt te lezen.

Hieronder het voorwoord:

Click op deze afbeelding om het rapport te lezen.
Click op afbeelding voor rapport.

Een van de grondbeginselen van het VN-verdrag voor de rechten van mensen met beperkingen
is zelf te kunnen kiezen waar en met wie je woont.

De wens om zelf te kiezen is ook vaak een reden voor ouders van een kind met een beperking om zelf een passende woonplek voor hun zoon of dochter te realiseren als die de leeftijd heeft bereikt om het ouderlijk huis te verlaten. Ze zijn dan niet afhankelijk van het aanbod van een zorginstelling hun toelatingscriteria en wachtlijsten, maar nemen zelf de regie. Groepen ouders hebben in de afgelopen jaren diverse kleinschalige woonvormen opgezet, ‘gewoon’ in een woonwijk.
Dat sluit goed aan bij het idee van een participatiesamenleving waarin burgers zelf initiatieven kunnen nemen om hun leven vorm te geven. In dit kwalitatieve onderzoek verkennen we deze woonvormen, ook wel ‘ouderinitiatieven’ genoemd. Waarom zijn ze opgezet, door wie en voor wie? Hoe gaat het met ze en hoe zien zij hun toekomst? De vraagstelling sluit aan bij het voornemen in het regeerakkoord van het kabinet-Rutte iii om aandacht te hebben voor kleinschalige en innovatieve wooninitiatieven.

Voor dit kleinschalige kwalitatieve onderzoek naar ouderinitiatieven spraken we met ouders, adviseurs die ouderinitiatieven begeleiden, zorgprofessionals, maar ook met enkele medewerkers van een gemeente en zorgkantoor. In dit rapport komen vooral de ouders aan het woord, aangevuld met het perspectief van andere betrokkenen zoals adviseurs en zorgprofessionals.

We zagen verschillende woonvormen en betrokken ouders en professionals die de ouderinitiatieven vormgeven. Hun enthousiaste en onbaatzuchtige deelname aan interviews en groepsgesprekken was inspirerend en leverde rijk materiaal op voor dit rapport. Grote inzet zagen we ook bij de experts die we bij de start en de afronding van het onderzoek spraken. Dankzij al deze deelnemers hebben wij een beeld gekregen van het scala aan ouderinitiatieven, hun successen, maar ook van de knelpunten en dilemma’s waar zij voor staan.

Prof. dr. Kim Putters
Directeur Sociaal en Cultureel Planbureau

Kleinschalig wooninitiatief (vormen)

Welke vormen zijn er?

Op hoofdlijnen onderscheiden we drie vormen, in de praktijk komen hierop verschillende variaties voor.

  • Ouderinitiatief (pgb)
    Op initiatief van ouders of naasten. Zij kunnen zich organiseren via een rechtsvorm (zoals een stichting). De zorg wordt ingekocht naar eigen keuze. Dit kan een bestaande zorgaanbieder zijn, maar ouders/naasten blijven altijd eindverantwoordelijk.
  • Wooninitiatief van een zorgondernemer (pgb)
    Op initiatief van een zorgondernemer, die een zorgaanbod ontwikkelt waar bewoners/ouders zich bij kunnen aansluiten. De mate van zeggenschap van ouders/naasten kan variëren.Ouders en zorgaanbieder kunnen ook van meet af aan samen optrekken, waardoor de eigen regie van ouders/bewoners en de professionele benadering van de zorgaanbieder hand in hand gaan. Ook komt het regelmatig voor dat een zorgondernemer ouder is van een (toekomstige) bewoner.
  • Wooninitiatief van een zorgaanbieder (zorg in natura of pgb)
    Opgericht door een bestaande zorgaanbieder. De kaders rondom zorg en wonen worden door deze organisatie bepaald. De mate waarin er al dan niet zeggenschap is van bewoners/ouders kan variëren. In de meeste gevallen is sprake van een scheiding tussen wonen en zorg, waarbij de zorg wordt ingekocht bij de zorgaanbieder en het huis in bezit is van een woningcorporatie. In sommige gevallen is het huis in bezit van de zorgaanbieder en is er sprake van twee aparte contracten (voor zorg en voor wonen).

Deze info komt van Link naar Per Saldo website.  Wij raden iedereen aan lid te worden van deze belangenorganisatie.  Zij bieden een schat aan informatie en ondersteunen de balangen van PGB-houders.

PerSaldo

Kleinschalig wooninitiatief (de wet)

De officiële definitie, vastgesteld door het ministerie van VWS, geldt alleen voor mensen die onder de WLZ vallen. De overige wetten kennen deze definitie niet, maar sommige gemeenten hanteren in de uitvoering van de Wmo de definitie van VWS. Deze luidt:

Als een kleinschalig wooninitiatief als bedoeld in artikel 3.1.3, eerste lid, onderdeel a, van de wet (Wlz), wordt aangemerkt een woonsituatie waarbij:

  1. minimaal drie en maximaal zesentwintig bewoners een persoonsgebonden budget als bedoeld in de wet, de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, de Jeugdwet of de Zorgverzekeringswet ontvangen voor zorg en hiervoor door bundeling van persoonsgebonden budgetten gezamenlijk de zorg inkopen en
  2. de bewoners verblijven op één woonadres als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet basisregistratie personen, of op verschillende woonadressen binnen een straal van honderd meter, waarin ten minste één gemeenschappelijke verblijfsruimte aanwezig is die geschikt is voor het ontplooien van gezamenlijke activiteiten.

Artikel 3.1.4 lid 2 Besluit langdurige zorg.

Begeleid wonen

Er zijn verschillende soorten hulpverlening als je vanwege psychosociale  problemen niet zelfstandig kunt wonen. Denk hierbij aan het “begeleid wonen of het “beschermd wonen”. Veel mensen halen de begrippen “begeleid wonen” en “beschermd wonen” ten onrechte door elkaar.

Bij de keuze van hulpverlening in het geval van psychosociale problemen gaat de voorkeur uit naar het behouden van zoveel mogelijk (verantwoordelijke) zelfstandigheid. Als de cliënt in de eigen woning kan blijven wonen en begeleiding aan huis voldoende is zal hier sneller voor gekozen worden. Deze vorm wordt begeleid (zelfstandig) wonen genoemd. Begeleid wonen is dus ambulante zorg, de zorgverlener komt naar je toe, en extramurale zorg, de cliënt woont niet in een instelling. De begeleiding aan huis kan in combinatie zijn met een regelmatig bezoek aan een zorginstelling voor een behandeling of gesprek.

In het geval dat begeleid wonen niet voldoende ondersteuning kan bieden, kan er gekozen worden voor beschermd wonen. De zorgverlener is altijd aanwezig of oproepbaar en kan ook buiten de geregelde tijden bij de cliënt langskomen. Het kenmerk van beschermd wonen is dat de cliënt 24/7 ondersteuning in de nabijheid heeft. Bij het beschermd wonen, kan er een keuze worden gemaakt om in een verblijf (woning) van een zorgaanbieder in te trekken of gebruik te maken van beschermd wonen zonder verblijf, waarbij de zorg en woning indien mogelijk gescheiden blijven.

In dit laatste geval is het verschil tussen begeleid wonen (zonder verblijf) en beschermd wonen vooral merkbaar in de intensiteit van de zorg en ondersteuning die een cliënt krijgt, zoals de hoeveelheid persoonlijke begeleiding en de 24/7 beschikbaarheid van ondersteuning in de nabijheid.

Wilt u er dieper induiken? Zie www.begeleidwonennederland.nl

Beschermd wonen

Beschermd wonen is een vorm van wonen onder begeleiding voor mensen met psychische of psychosociale problemen. … Beschermd wonen valt onder de wet maatschappelijke ondersteuning (WMO). Beschermd wonen kan worden ingezet voor zeer kwetsbare burgers, met een verhoogde begeleidingsvraag.

Voor een uitgebreidere definitie, zie hier.